| De hemelbestorming van Katholieken en Moslims. De kritische ontvangst van kerken en moskeeen in Nederland. |
|
4 september tot en met 31 oktober 2004. (foto Hans Wildschut) Inleiding De bouw binnen Nederland van nieuwe, grote moskeeën voorzien van hoge minaretten heeft de laatste jaren veel stof doen opwaaien. Angst voor een oprukkende islam en vooral voor een mogelijk daarmee gepaard gaand fundamentalisme is een van de onderliggende drijfveren achter een polemiek die in toenemende mate lijkt te escaleren. Met het oog op deze laatste tendens tracht het Museum voor Religieuze Kunst het debat vanuit een ander, meer historisch perspectief te benaderen. Het Museum wil een verband leggen tussen het huidige debat en de discussie die gevoerd werd in de negentiende - , begin twintigste eeuw toen katholieken de godsdienstvrijheid aangrepen om nadrukkelijk van zich te doen laten spreken. Dit resulteerde ondermeer in de bouw van grote, neogotische kerken. Voor dit project is samenwerking aangegaan met de stichting Arabesk en de Turks Islamitische Culturele Federatie. (maquette St. Petrus, Uden) Onderwerp Vanaf het midden van de negentiende eeuw werden liberalen en hervormden geconfronteerd met een zich emanciperend katholiek volksdeel, dat zijn als herwonnen ervaren vrijheid en toenemend ledental vertaalde in ondermeer de bouw van talrijke grote kerken en instituten. Deze bouwwoede mocht zich niet in alle geledingen van de samenleving over een even warm onthaal verheugen. Criticasters zagen in deze monumentale bouwwerken een exponent van een in zichzelf gekeerd volksdeel. Het zelfde gevaar schijnt nu te worden onderkend met de bouw van de moskeeën, die in de ogen van buitenstaanders bastions zijn, waarin men in een vreemde taal spreekt over- en belijdenis aflegt van een al even vreemd geloof. Het is daarnaast opmerkelijk dat de moskee in het kader van het integratiedebat wel veel aandacht trekt, maar als architectonisch bouwwerk weinig belangstelling weet te wekken. In vakbladen over architectuur wordt niet of nauwelijks aandacht geschonken aan de nieuwe moskeeën in ons land. In kranten stellen de architectuurrecensenten vooral het vermeende hoge Efteling- of Disney gehalte aan de orde. Een ander punt van terugkerende kritiek is het historiserende, traditionele karakter van de meeste nieuwe moskeeën. Deze zijn veelal afgeleid van de koepelmoskeeën van de legendarische zestiende-eeuwse Ottomaanse bouwmeester Sinan, die zich voor zijn ontwerpen inspireerde op de van oorsprong christelijke Haya Sophia. In de tijd van Sinan stond het Ottomaanse rijk op het hoogtepunt van zijn macht. De katholieken in de negentiende eeuw spiegelden zich eveneens graag aan het hoogtepunt van hun geloof, dat zij in de late middeleeuwen, tijdvak van de gotiek gemanifesteerd zagen. En ook toen klonken er kritische geluiden over het teruggrijpen op en verheerlijken van een stijl uit het verleden, de gotiek. Expositie De expositie wil met behulp van tekeningen, (archief-)foto's en maquettes een beeld geven van de negentiende-eeuwse kerken en de éénentwintigste-eeuwse kerken en moskeeën. Deze laatste zullen mede in beeld worden gebracht door de fotograaf Hans Wilschut uit Rotterdam. In opdracht van het Museum heeft hij een tiental, recent gebouwde moskeeën in Nederland gefotografeerd. De op groot formaat geprinte foto's geven een (artistieke) impressie van de wijze waarop de moskeeën zich voegen binnen het stedelijk landschap. De nieuwe moskeeën worden vaak opgericht langs uitvalswegen, snelwegen en spoorlijnen. Nu nog afgelegen plaatsen die in de toekomst zeer wel mogelijk zullen transformeren in de 'nieuwe poorten' van de steden. Het belang van deze nieuwe 'stadspoorten' is overigens ook ingezien door enige inzenders aan een architectuurprijsvraag, uitgeschreven door het bisdom Rotterdam in 1996. Het Amsterdams architectenbureau K2 kwam met een voorstel tot de bouw van een kerk pal naast het verkeersknooppunt Klein-Polderplein. Dit ontwerp is niet uitgevoerd. Meer kans maakt een futuristisch ontwerp voor de katholieke Andreas, Paulus en Petrusparochie te Maassluis van het architectenbureau Royal Haskoning , waarvan de bouw mogelijk nog dit jaar een aanvang zal nemen. Aan beide ontwerpen zal op de tentoonstelling aandacht worden besteed.
(maquette RK kerk, Maassluis) Recent gebouwde kerken in Nederland (gemiddeld zo'n 7 a 8 per jaar) zijn veelal aanzienlijk minder opvallend. Er lijkt sprake van een tegengestelde beweging. De kerken gaan van groot naar klein, verlaten hun centrale positie in de wijk en vestigen zich tussen de mensen in huizenblokken, terwijl de moskeeën juist uit hun hergebruikte garages, winkels e.a. wegtrekken richting nieuwe grote complexen. Deze nieuwe moskeeën hebben een overwegend traditionele vormgeving. Op de tentoonstelling zal echter ook aandacht worden geschonken aan ideeën en plannen voor meer moderne, éénentwintigste-eeuwse moskeeën en aan een ontwerp van een islamitische begraafplaats van Furkan Köse. Samenwerking Voor dit project is het Museum een samenwerking aangegaan met de stichting Arabesk, die samen met het TICF -de Turks Islamitische Culturele Federatie waarbij meer dan honderd moskeeën zijn aangesloten - een tentoonstelling heeft gemaakt over de architectuur van moskeeën in Nederland. Dit tentoonstellingsonderdeel verbeeldt de geschiedenis van de moskee in Nederland: van het hergebruik van oude gebouwen naar de traditionele nieuwbouw van vandaag tot de moderne moskee in de toekomst. De samenwerking tussen het Museum en deze organisaties is nieuw en het is tevens voor het eerst dat een islamitische organisatie zo nauw betrokken is bij de organisatie van een tentoonstelling in een museum. Dit tentoonstellingsonderdeel zal na de expositie in Uden doorreizen en gedurende twee jaar te zien zijn in diverse moskeeën, architectuurcentra en stadhuizen verspreid over Nederland. Voor meer informatie over de plaatsen en locaties die de tentoonstelling zal aandoen: www.museumarabesk.nl EducatieHet onderwerp heeft een brede sociaal-religieuze betekenis, gaat door alle sociale geledingen en is daarmee geschikt ook voor leerlingen om mee aan de gang te gaan. In samenwerking met diverse educatieve organisaties als het CKV en de stichting KIJK te Uden ontwikkelt het Museum een programma met lesbrief voor zowel de basisscholen als het voortgezet onderwijs. Belangstellenden hiervoor kunnen zich richten tot het museum.
|


